Pensioengat berekenen: zo bepaal je je pensioentekort
Je berekent je pensioengat door het inkomen dat je na je pensioen wilt hebben, te vergelijken met het inkomen dat je daadwerkelijk krijgt. Dat laatste bestaat uit AOW, aanvullend pensioen en eventuele andere inkomsten. Het verschil is je pensioengat. Je vergelijkt het best netto bedragen per maand. De gegevens vind je grotendeels op mijnpensioenoverzicht.nl en bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Zo kom je zonder ingewikkelde software tot een eerste schatting.
Wat is een pensioengat precies?
Een pensioengat, ook wel pensioentekort genoemd, is het verschil tussen je gewenste en je verwachte inkomen na je pensionering. Het hoeft geen vast bedrag te zijn. Het hangt af van je levensstijl, je woonsituatie, je gezinssituatie en je loopbaan.
Een pensioengat kan op verschillende manieren ontstaan:
- Je hebt deeltijd gewerkt of bent minder lang in loondienst geweest, waardoor je minder aanvullend pensioen hebt opgebouwd.
- Je hebt als zzp'er of ondernemer geen of weinig pensioen opgebouwd.
- Je bent vaak van baan gewisseld en hebt pensioen bij meerdere fondsen of verzekeraars, zonder dat je het overzicht hebt.
- Je gaat eerder met pensioen dan de AOW-leeftijd, en daardoor ontbreekt een deel van je inkomen.
- Je pensioenregeling is minder gunstig dan je dacht, bijvoorbeeld zonder partnerpensioen.
Stap 1: bepaal hoeveel inkomen je wilt hebben
Begin met de vraag wat je na je pensioen per maand wilt kunnen uitgeven. Een vaak genoemde vuistregel is dat je ongeveer een bepaald percentage van je laatste loon nodig hebt. Vaak wordt 70% van het laatstverdiende bruto inkomen, inclusief AOW, als richtlijn gebruikt. Dit is geen garantie dat je daarmee voldoende hebt. De regel is een startpunt, geen waarheid. Maak daarom liever een eigen inschatting.
Kijk naar:
- je vaste lasten, zoals wonen, energie, verzekeringen en zorgkosten
- uitgaven die waarschijnlijk dalen, zoals een afgeloste hypotheek of kosten voor kinderen
- uitgaven die kunnen stijgen, zoals reizen, hobby's of zorg
- de invloed van inflatie op je koopkracht
Wat ik zelf belangrijk vind, is om niet alleen naar het inkomen te kijken, maar vooral naar wat je straks daadwerkelijk uitgeeft. Stel dat je nu € 3.500 netto per maand nodig hebt, maar tegen de tijd dat je met pensioen gaat je hypotheek grotendeels hebt afgelost. Dan kunnen je vaste lasten behoorlijk lager uitvallen. Aan de andere kant wil je misschien vaker reizen of leuke dingen ondernemen. Daarom zou ik alle maandelijkse uitgaven op een rij zetten en vervolgens bepalen welke kosten straks verdwijnen en welke juist kunnen stijgen.
Stap 2: verzamel je verwachte inkomsten
Je verwachte inkomen bestaat uit meerdere bronnen. Pas als je ze allemaal hebt opgeteld, zie je het echte beeld.
| Inkomstenbron | Waar vind je het? |
|---|---|
| AOW | SVB (AOW-overzicht en AOW-leeftijd) |
| Aanvullend pensioen (werkgever) | mijnpensioenoverzicht.nl |
| Lijfrente of banksparen | Je bank of verzekeraar |
| Eigen vermogen en beleggingen | Je eigen administratie |
| Overige inkomsten, bijvoorbeeld deeltijdwerk of huur | Je eigen administratie |
De AOW is een basisvoorziening. De hoogte hangt af van het aantal jaren dat je in Nederland hebt gewoond of gewerkt en van je woonsituatie, bijvoorbeeld alleenstaand of samenwonend. Vanaf 1 juli 2026 bedraagt de volledige AOW voor alleenstaanden € 1.662,16 bruto per maand en € 1.581,55 netto met loonheffingskorting. Voor gehuwden en samenwonenden is dat € 1.139,39 bruto en € 1.084,13 netto per persoon. Deze bedragen zijn exclusief vakantiegeld. In 2026 is de AOW-leeftijd 67 jaar. Voor mensen die later de AOW-leeftijd bereiken, kan een hogere leeftijd gelden. De definitieve AOW-leeftijd staat voor iedereen die op of na 1 oktober 1964 is geboren nog niet vast. Vraag bij twijfel je AOW-overzicht op bij de SVB.
Op mijnpensioenoverzicht.nl zie je per fonds of verzekeraar hoeveel pensioen je tot nu toe hebt opgebouwd en wat je op je pensioendatum kunt verwachten. Let ook op het partnerpensioen en het nabestaandenpensioen, want die zijn vaak anders geregeld dan het ouderdomspensioen.
Stap 3: reken om naar netto en trek af
Het pensioenoverzicht toont meestal bruto bedragen. Over AOW en pensioen betaal je loonheffing, en je netto inkomen hangt mede af van je inkomen, heffingskortingen en eventuele partner. In 2026 betalen mensen die het hele jaar AOW-gerechtigd zijn en geboren zijn op of na 1 januari 1946 in box 1 17,85% belasting over de eerste € 38.883, 37,56% over het inkomen van € 38.884 tot en met € 78.426 en 49,50% daarboven. De algemene heffingskorting bedraagt voor AOW-gerechtigden maximaal € 1.556 en de ouderenkorting maximaal € 2.067, afhankelijk van het inkomen. Voor mensen die in 2026 de AOW-leeftijd bereiken, gelden aangepaste tarieven. Gebruik daarom een nettoberekening, bijvoorbeeld via een rekentool van een pensioenfonds, een bank of een onafhankelijke adviseur.
Het stappenplan in het kort:
- Noteer je gewenste netto maandinkomen.
- Tel je verwachte bruto AOW en pensioen op en reken om naar netto.
- Voeg overige inkomsten toe, zoals een lijfrente-uitkering of een afgesproken bijverdienste.
- Trek je verwachte netto inkomen af van je gewenste netto inkomen.
Is de uitkomst positief, dan heb je een pensioengat. Is die nul of negatief, dan lijkt je inkomen voldoende. Reken ook een voorzichtig scenario door, bijvoorbeeld met lagere uitkeringen of een eerdere pensionering.
Let op bij zzp'ers en bij het nieuwe pensioenstelsel
Als zzp'er heb je meestal geen werkgeverspensioen. Je pensioen bestaat dan vooral uit AOW, aangevuld met wat je zelf hebt opgebouwd via bijvoorbeeld een lijfrente, banksparen, beleggen of vermogen in je onderneming. Reken ook niet op de verkoop van je bedrijf zonder daar zorgvuldig naar te kijken. De opbrengst is onzeker en hangt van de markt af.
Ook als werknemer verandert er iets. Door de Wet toekomst pensioenen stappen pensioenfondsen over op een nieuw stelsel, met een overgangsperiode. Uiterlijk op 1 januari 2028 moeten de pensioenregelingen zijn overgestapt. In 2026 zijn verschillende grote pensioenfondsen al overgestapt, terwijl andere fondsen hun overgang voorbereiden voor 2027 of uiterlijk 2028. De exacte datum verschilt per pensioenfonds of verzekeraar. Na de overstap kunnen de verwachte uitkeringen anders worden weergegeven en meer afhangen van beleggingsresultaten. Bekijk je overzicht daarom regelmatig opnieuw en lees de informatie van je eigen pensioenuitvoerder.
Wat kun je doen als je een pensioengat hebt?
Een tekort is geen reden tot paniek, want je hebt meerdere manieren om het te verkleinen:
- Langer doorwerken of deeltijd werken na je pensionering. Dit levert extra inkomen op en kan je opbouw verhogen.
- Extra sparen of beleggen. Dat kan privé, of via een fiscaal gefaciliteerd product zoals een lijfrente of banksparen. Hoeveel je fiscaal mag inleggen, hangt af van je jaarruimte of reserveringsruimte. In 2026 bedraagt de maximale jaarruimte € 35.589, afhankelijk van je inkomen en pensioenopbouw in 2025. Je kunt daarnaast niet-benutte jaarruimte uit de afgelopen 10 jaar gebruiken. De maximale reserveringsruimte bedraagt in 2026 € 42.753. De Belastingdienst heeft een rekenhulp waarmee je jouw persoonlijke ruimte kunt berekenen.
- Je uitgavenpatroon aanpassen. Een lager gewenst inkomen verkleint ook het gat.
- Je woning meenemen in je plannen. Denk aan een afgeloste hypotheek of verhuizen, maar weeg de gevolgen goed af.
- Oude pensioenen opsporen en samenvoegen. Check of je alle opgebouwde rechten in beeld hebt.
Neem bijvoorbeeld iemand van 50 jaar die ontdekt dat er na pensionering maandelijks € 500 netto ontbreekt. Dat is € 6.000 per jaar. Als die persoon nog 18 jaar heeft tot zijn pensioen, kan hij ervoor kiezen iedere maand extra geld opzij te zetten en eventueel een paar jaar langer te werken. Stel dat hij maandelijks € 250 belegt en gemiddeld 4% rendement per jaar behaalt. Na 18 jaar kan dat uitgroeien tot ongeveer € 79.000, vóór eventuele belastingen en kosten. Dat is geen garantie en het bedrag zal niet automatisch het hele pensioengat oplossen, maar het laat wel zien hoeveel verschil een combinatie van extra inleg en langer doorwerken kan maken.
Fiscale regels voor lijfrente en banksparen zijn technisch en kunnen wijzigen. Laat je bij belangrijke keuzes adviseren door een onafhankelijke financieel of pensioenadviseur, of vraag het na bij de Belastingdienst.
Veelgestelde vragen
Hoe vaak moet ik mijn pensioengat opnieuw berekenen?
Doe dat minstens eens in de paar jaar. Ook bij een nieuwe baan, een verandering in je gezinssituatie, een scheiding, arbeidsongeschiktheid of een wijziging in je pensioenregeling is het verstandig om opnieuw te rekenen.
Is het pensioengat hetzelfde als het pensioenoverzicht?
Nee. Het pensioenoverzicht laat zien wat je verwachte pensioen is. Het pensioengat is het verschil tussen dat verwachte inkomen en het inkomen dat je wilt hebben. Het overzicht is dus een bron voor je berekening.
Kan ik mijn pensioengat ook berekenen als ik zzp'er ben?
Ja. Je rekent op dezelfde manier, maar je hebt meestal alleen AOW en eigen voorzieningen als inkomstenbron. Zorg dat je ook je eigen opgebouwde vermogen realistisch meetelt, en raadpleeg bij twijfel een adviseur.